zondag 12 april 2015

Hotel Wanhoop

In al die 13, 14 jaren dat we hier nu rond sjouwen heb ik het hotel in F. niet een keer open gezien. Open in de zin van: geopend.
Nu is F. geen metropool, maar met zo'n kleine vijfduizend inwoners, zou er plek moeten zijn voor een geopend hotel.
Maar alles is in F. een beetje in verval, en dat is jammer.
Het hotel ligt aan de hoofdstraat, winkels, parkeergelegenheid, daar ligt het niet aan.
Het hotel bladdert en stoft.  De naam is nauwelijks nog leesbaar. Maar het zal wel Lion d' Or geweest zijn. Beneden aan de straatkant twee hele grote ramen, daarachter ligt het restaurant, en de voordeur.
Waarschijnlijk was het houtwerk ooit donkerrood. Nu groen uitgeslagen bruin.
Door de met modder onder gespatte ramen, een blik op de nog steeds gedekte tafels. Grijs geworden tafellinnen, met spinrag bedekte borden, een bosje strobloemen dat vroeger kleur bracht aan het geheel.
Achter de voordeur ligt een container aan post, oude kranten en foldermateriaal. Ook vergeeld, er kan niets meer door de brievenbus.
Boven zes ramen met gescheurde en van de roe afgegleden vitrages.
Van de week liep ik er bij toeval 's avonds langs. Donker was het al. Tot mijn grote verbazing zie ik achter in het restaurant een groen lichtschijnsel.
Sortie, staat er verlicht te lezen.
Ik schiet in de lach.
De uitgang, nou die heeft iedereen allang geleden gevonden.
Doe maar uit dat licht.