zaterdag 2 mei 2015

Huizen met kruizen

Op de hoek van ons straatje begint het al. Beter gezegd, begon het een paar jaar geleden.
De oude vrouw kreeg nieuwe kniejen aangemeten en liep daarna eigenlijk nog slechter, ze schommelde als een ouwe driemaster in een teiltje water. Korte tijd later ging ze dood. Haar overgebleven man, had binnen de kortste keren een vriendin. Tis een imbeciel zei iemand verder op. Hij sluit zijn eigen hondje op in een kooi buiten op het erf en hij loopt met zijn nieuwe madame te paraderen en haar houdt hondje aan een lijntje.
Eigenlijk tegenover ons woonde een hele oude mevrouw, ook heel ziekelijk. Dus die maakte het ook niet lang. Haar inwonende zoon, opgeblazen als een ballon, mankeerde ook het een en ander, naast de eenzaamheid bij het wegvallen van maman. Ze vonden hem in de keuken, zijn bord niet leeg gegeten; zijn geweer lag naast hem.
Nu woont er een jonge stel. Hard werken, snelle zwarte auto met twee uitlaten. Altijd op en onderweg.
Ach onze lieve vriend er naast, het is nog maar anderhalf jaar dat we afscheid van hem hebben genomen. En zij ... eerst veel bezoek, nu alleen  nog een vrijgezelle nicht en wij. Je ziet het leven uit haar verdwijnen. Haar pretogen lachen niet meer.
De vrolijke klusser op de hoek heeft de pijp aan Maarten gegeven. Dollen met die gekke nederlander doet hij niet meer. Versuft door de medicijnen zegt zijn vrouw en wijst op haar hoofd en zucht met vochtige ogen; tkan lang duren zei ze laatst, zit in de familie.
Hij, die tachtiger,  die altijd in de moestuin loopt te rommelen loopt nu achter een looprek en scheldt zijn vrouw de huid vol. Wordt wel beter, hoorden wij, de apotheek had een foutje in een dosering gemaakt.
Het laatste huis aan de bosrand. Heel jong is ze nog. Twee kinderen waarvan een gehandicapt, nu heeft zij kanker. Haar stoerheid is overgenomen door uitzichtloosheid, angst en verdriet.
Ik heb drie huizen overgeslagen. Want de bewoners daarvan lopen gewoon, rijden auto, doen zelf hun boodschappen en maken een praatje.
Dan hebben we ons huis. Alles groeit en bloeit en dat is mooi.
Mooi is ook de azuurblauwe lucht van gistermiddag met kleine witte wolken, ze dreven langzaam voorbij. Af en toe vloog er een vogel en soms nog een.
Ik schommelde van houding,
van verwondering naar verzinking
en hoopte dat ik nergens meer aan dacht.
Woef, zei Iona, en likte aan mijn hand.

7 opmerkingen:

blutch1 zei

Tsja, het wordt eerst winter voor het voorjaar er weer kan komen. Hoe is het met het kroegje?

Athy zei

Wat een mooi verhaal, in die zin dat het tot denken aanzet.
Hoe indrukwekkend is leven...

Anoniem zei

Ik mag je zo graag lezen!

groet, Fenny

simon korving zei

blutch: de kroeg rest als ... ;)

simon korving zei

Athy: ziekten bij andere kunnen aanzetten tot relativering van eigen 'kwaaltjes'

simon korving zei

dank je voor het compliment Fenny

Rosa Pluimhaar zei

Het lijkt een beetje alsof de dood om jullie heen sluipt daar - niet zozeer om jullie te pakken -, maar je voelt wel z'n aanwezigheid. Goed genieten van het leven dan maar...