dinsdag 29 oktober 2013

Leven in Frankrijk : Gespleten dorp

Voor dat het riviertje de Atlantische Oceaan instroomt deelt het ons dorp in tweejen. Das niks erg. Er ligt een mooie stenen brug overheen aan beide kanten voorzien van smeedijzeren hekken waar altijd bloembakken aanhangen. Niks geen tweespalt, niks geen 'boven-beneden de rivieren', gewoon één dorp van zeshonderd inwoners.
Tot vorige maand. De stenen boogconstructie begon te wankelen, stenen lieten los, scheuren in het wegdek. Een ramp leek zich te gaan voltrekken. Het was kennelijk al voorzien. De boel moet worden afgebroken en er komt een nieuwe.
Jaja.
Het eens zo rustige plattelandsdorpje staat op de achterste benen. Want om van 'noord naar zuid' te gaan, of andersom, is nu een flinke omweg. Toen ik het woord tunnel liet vallen werd ik bijna het dorp uitgezet.
Het ergste zijn de protesten van de lokale middenstand.
Jaja.
Dan hebben we het over het tuincentrum, de slager, de kroeg, het postkantoor (twee keer in de week één uurtje open, voor een vergeten postzegel).
Chris en ik wonen 'op zuid' en hebben geen probleem richting tuincentrum en slager. Ook is er een looppaadje om de kroeg van Jean Pierre te bereiken, wel om, maar toch. Post doen we niet aan, dus wat is het probleem.
Er zou een passerelle moeten komen vinden de actievoerders, een klein loopbruggetje over de rivier.
Dan loopt de klandizie niet weg, menen de middenstanders.
Dat scheelt slager Yves toch zeker gauw een karbonade of vijf, en Jean Pierre weer extra consumpties.
Ik durf het niet aan, zo'n passerelle, als ik bij Jean Pierre vandaan kom. Het riviertje is niet zo diep, maar het stroomt vervaarlijk.
Sta ik toch mooi droog tot het voorjaar, want zo lang schijnt die grap te duren.

zaterdag 26 oktober 2013

Leven in Frankrijk : Gewoon dom, das het beste

In de kroeg hoorde ik dat Xavier al een tijdje niet geweest was.
Depressief is ie zei iemand aan de bar.
Depressief .... er werd schamper over gedaan door de aanwezigen.
Alain en ik zaten aan de hoek van de bar.
Hij boog zich voorover en zei zacht:
Als je intelligent bent, dan denk je wel eens na, daar kun je depressief van worden.
Ik draaide me om en keek om me heen ...
voelde Alain glimlachen.


woensdag 23 oktober 2013

Leven in Frankrijk: Edith Piaf niet vergeten

Mijn goede klusvriend Andre woont met zijn vrouw in het stadje H. Prachtig huis. Een pakhuis uit, pak hem beet, 1700. Beneden achter een prachtige poortdeur een loei van een garage, en boven een loei van een woonhuis.
In die garage, formaat van wel zeker tien autoos, vierde hij zijn feestje. Want hij werd zestig.
De hele ruimte was als feestzaal, tevens eetzaal ingericht. Er was een bar ingericht, een hapjestafel, het eetgedeelte in U-vorm en een koud- en warmbuffettafel. In een hoekje stond een DJ plaatsjes te draaien. Slingers, lampionnen, spiegelbollen verhoogden de feestvreugde.
Handjes schudden, klapzoenen, honderd keer vertellen dat jij die Nederlandse vriend en vriendin bent, waar je in Frankrijk woont, en waarom eigenlijk vroeg een meneer en keek er sociologisch interessant bij.
Bij de bar stond Marcel, een zwart klusmaatje van Andre en beroepsalcoholist. Hikkend sloeg hij ons op de schouders.
Een dame, een uiterst schriele dame, balanceerde al vroeg met twee glazen en stevende op ons af. Ze had nog nooit met Hollanders gesproken en zeker ook niet gedanst, terwijl ze mij loens aankeek.
De DJ draaide vaker en vaker aan de volumeknop. De schriel dame hief eerst een verjaardagslied aan en vervolgde met het meezingen met al de DJplaatjes. Haar stem werd scheller en scheller. Zij smeerde regelmatig haar keel. Af en toe kreunde zij bij een gevoelig nummer. Morste sangria over Chris' witte broek, begon door de krijgen dat ik niet met haar wilde dansen.
Ook tijdens het eten hief zij af en toe een verjaardagslied aan. Blurpte santé's  en begon weer met een lied van Edith Piaf. Zij begon er ook steeds meer op te lijken, een muisje met een lijkenkleur en een rattenkapsel. De avond verliep met steeds meer stuurse blikken van de aanwezigen richting deze nazaat van Edith Piaf.

Vorige week liet Andre zijn nieuwe moestuin zien. Een mooi complex, idyllisch gelegen, mooie bomen, een en al rust.
In de verte hoorde ik iemand zingen. 't Is toch niet waar vroeg ik aan Andre
Hij knikte en  lachte. Je bent haar toch niet vergeten, vroeg hij.
Vergeten, zei ik. Non, deze Edith Piaf, non je ne regrette rien.

woensdag 9 oktober 2013

Leven in Frankrijk : Begin en einde van Vincent van Gogh

Vorige week Zundert bezocht. Vincent van Gogh is hier geboren.
Het kleine kerkje waar zijn vader predikant was. Het naast gelegen grafje van zijn eerder overleden broertje, waar hij naar vernoemd is. Een pleintje met een beeld van Zadkine: Vincent en Theo voorstellend. Aan het plein een soort galerietje met achterlijke kunst, doekies met kleurtjes erop.

Nog geen honderd meter verder is de plek waar Vincent van Gogh geboren werd, op een zolderkamertje. In 1903 afgebroken, er verscheen een nieuw pand. Op de begane grond is een restaurant gevestigd. Nog wel echt is het huis ernaast, het huis van de 'tantes'.
De plek ligt aan een drukke doorgaande weg. Recht tegenover het 'geboortehuis' is een plein omringd door een paar zielige bomen en aan dat plein het Zundertse stadhuis.
Het moet gekker worden vinden Chris en ik. Het lijkt hier verdomd veel op Auvers sur Oise waar hij overleed.
Huis van de geboorte en huis van de dood op nagenoeg identieke situaties. Twee zolderkamers, bij beiden beneden een restaurant, een drukke weg, een plein en een stadhuis.
't Is een tovenaar die gozer, vind ik, wel heel apart allemaal, vindt Chris.

Het eetcafé heeft broodjes Vincent, de pizzeria margarita's a la Vincent, het restaurant carpaccio a la Vincent.
We zoeken een 'neutrale' kroeg en nemen op het terras een biertje. Vincent komt bij ons zitten. Ik vertel hem dat er aan de rand van Zundert een richtingsbord staat met 'Auvers sur Oise' erop, iets van vierhonderd kilometer, dacht ik.
We nemen nog een biertje en stappen daarna gedrieën in de auto.
Tout droit.


vrijdag 4 oktober 2013

Leven in Frankrijk : Takkenwijf

Als je op het terrasje bij mijn atelier zit en dan schuin wegkijkt zie je in de verte een klein laag huisje. Beetje verscholen achter struiken en ander groeisel. Je ziet dan de achterkant van het huisje; een schuifpui met daarvoor een trapje van een treedje of twee.
Daar woont een alleenstaande mevrouw. Sinds enkele jaren weduwe van Pierre. Een oudere mevrouw met een snerpende stem, een bazige stem ook.
Wij hebben nog nooit een woord met dat mens gewisseld. Nee wij zwaaien alleen maar naar elkaar. Ze ruikt het wanneer wij daar gaan zitten. Vanachter de schuifpui wordt je dan bespiedt en zodra we iets van oogcontact hebben, of liever de gezichten staan op dezelfde golflengte, dan gaat haar arm omhoog en zwaait bijna uit het schoudergewricht. Wij doen iets soortgelijks terug, maar minder. Maar je moet wel zwaaien, want die blikken blijven priemen.
Dat is een 'méchante' heeft onze buurvrouw Jeanne uitgelegd. Daar moet je voor oppassen. Ze praat met je, maar net zo makkelijk over je. Ze roddelt.
Nou dat wisten we toen. Maar ze bleef zwaaien. En wij ook maar. En die snerpende stem niet te vergeten. Als ze in de geopende schuifpuideur staat te telefoneren dan snerpt het zo hard dat het bijna gaat regenen. En ze snerpt ook tegen haar hond. Zij en haar hond, dat is het enige dat daar beweegt.
Wij weten eigenlijk niet eens hoe zij er van dichtbij uitziet en ook niet hoe zij heet. Madame 'méchante' is het voor ons. Of madame 'des tacques'.
Stond ik afgelopen zondag bij de bakker. Voor mij een aantal dames. Grote bestellingen werden er gedaan. Broden, croissanten, gebakjes en taarten. Au revoir!
Toen was het kleine vrouwtje aan de buurt. Ik keek ruimschoots over haar heen.
Ik schrok van haar snerpende stem. Zo bekend.
Ze bestelde een half broodje, nee snijden deed ze zelf thuis wel. Ze pulkte wat centjes uit haar portemonneetje, legde die op de toonbank en knikte. Zwijgend liep zij de winkel uit, een eenzame zondag tegemoet, nou op haar hond na dan.
's Middags zwaaiden wij met twee armen, wie weet.