woensdag 28 december 2011

Leven in Frankrijk: Witte bergen, zwarte dalen.

Oude buurvrouw Jeanne komt net terug van de markt in F. Zij pakt haar mandje uit de kofferbak. Zij had ons al gemist. Wij hadden eigenlijk niets nodig. En voor niets gaan de deur niet uit, zeker niet op zo'n grauwe  troosteloze dag. Ze glimlacht haar rimpels strak. "Wees maar blij dat het niet sneeuwt" zegt ze terwijl omhoog kijkt. Wij kijken verbaasd mee. "Sneeuw is mooi op de bergen, maar die hebben we hier gelukkig niet" zegt met pretogen. We schieten in de lach. Die Jeanne toch. Met een 'bon courage' sloft ze haar huis binnen.
Even later komt houtboer Serge met zijn tractor het erf op rijden. De motor gromt, het oranje zwaailicht zet de 'cour' in een oranje gloed. Met een donderend geraas wordt een paar kuub hout neergestort.
Op de vraag van Chris of hij trek in een 'bakkie' heeft, schudt hij zijn hoofd. "Doe maar een biertje" zegt hij. Moet kunnen, 't is per slot van rekening al kwart over tien.
Aan de keukentafel begint hij direct over de crisis, de euro, Sarkozy, de prijs van de diesel, de werkloosheid, de tienermoeders in F. Alles is zwart, somer en zonder vooruitzichten. Zijn dondere ogen maken zijn gezicht nog zorgelijker.
Even later lees ik op internet dat de Fransen de grootste doemdenkers van Europa zijn.
Gelukkig hebben wij buurvrouw Jeanne nog.

donderdag 22 december 2011

Leven in Frankrijk : Meest trieste kerstkaart (Tom Waits)

Als ik het zou weten ...
dan zou ik het volgende lied van Tom Waits bij dit blog plakken
"Christmas card from a hooker from Minneapolis"
over een schreeuw in een eenzame kerst.
Affijn ... u kunt het opzoeken op YouTube en dan de ceedee-versie.
Prettige kerst, ook voor die verre eenzame naaste.
Tot later
Simon

woensdag 21 december 2011

Leven in Frankrijk : Bijna kerstavond; er zij licht.

In ons dorp wordt de kerk verlicht door maar liefst twee schijnwerpers.
Ter hoogte van het stadhuis is de hoofdstraat overspannen door een streng lichtjes met één enkele ster.
Op de ramen van de kroeg zijn rode linten gespannen met spuitsneeuw er tussen. Boven de tap hangen twee uitgevouwen papieren kerstklokken, een rode en een witte.
Jean Pierre tapt une bière speciale, une bière de Noël. "C'est nouveau Simon" zegt hij met enige trots.

Als ik weer thuis ben komt oude buurvrouw Jeanne aansloffen. Ze geeft ons een rood glaasje met een waxinilichtje erin en een bidprentje. "Het kaarsje moet je op kerstavond voor het raam zetten, dat is voor het kindje" zegt ze er veel betekenend achter.

's Avonds zien we bij de boerderij onderaan de heuvel kleine lichtvlekjes.
Ik brand mijn vingers aan de aansteker als ik ons kaarsje aansteek.
"Kijk je uit voor de gordijnen" hoor ik achter me.

maandag 12 december 2011

Leven in Frankrijk : Adèle is er weer

Het contact met de overburen loopt niet over. Moeder en zoon, zij, Adèle, is 96 en de zoon Gérard is ver in de zestig.
We kennen ze als 'très réservé' en dat wordt door de andere buren beaamd. In het kader van onze zelfgekozen inburgeringscursus zijn we een keer binnen geweest. dat was in het prille begin. De zoon mompelde toen iets van een hartziekte of zoiets. De moeder putte zich toen uit in alle ziektes en zeertes die een medische enceplopedie rijk is.

En zo verstreken de jaren. Gérard gaat op vaste tijden er met zijn auto op uit, Adèle zit achter de gordijntjes en schuift die alleen open als de postbode langskomt. Soms maakt zij een ommetje als ze zeker weet dat er niemand anders op straat is.
Op een dag, een maand of wat geleden, was het ineens druk aan de overkant. 's Morgens een auto, 's middags een auto, mensen met witte jassen en schorten, dikke en dunne verpleegsters, knappe dokters in gele sportauto's.
We hoorden dat Adèle door een hersenbloeding getroffen was maar weer aan de betere hand was. Althans dat bromde zoonlief aan de deur.

Tot overmaat van ramp is Adèle enige tijd later ook nog gevallen. Weer auto's, weer witte jassen, weer knappe dokters.
Maar gisteren is er een wonder geschied.
De deur ging open en er kwam een looprekje naar buiten. Tergend langzaam volgde er een geruite pantoffel, een in een elsstieke kous gehuld been en vervolgens de rest van Adèle. Daar stond ze op haar stoepje. Ze keek naar links, ze keek naar rechts en daarna omhoog naae een zingende merel op ons dak.
In hetzelfde tempo ging ze achterwaarts weer naar binnen, het looprekje sleepte over de drempel, een witte jas deed de deur dicht.
Adèle is er weer.

donderdag 8 december 2011

Leven in Frankrijk : Tegenvallers en verwarring

Het is natuurlijk nooit familie of goeie vrienden die vragen naar 'hoe het nou is' of 'hoe bevalt dat nou dat wonen in Frankrijk' of 'wat doe je zo de hele dag'.
Deze vragen vragen komen meestal van de terloopse langskomers, vage bekenden op feestjes en 'anderen'.
Om onze antwoorden nog spannender te maken, gooien we er soms een 'frans' woord door, dat doet het meestal erg goed. Of je zegt 'hoe heet dat ook alweer'
Wat er ook altijd ingaat, is een beetje klagen, pseudo klagen. Zo van, het weer in Noord-Frankrijk is net zoals in Nederland, met dan er achter 'dus daar hoef je het niet voor te doen'. Je ziet ze kijken, beetje meewarig bijna.
En dan als een repeteergeweer er achter aan: 's winters elke dag hout hakken, zo'n lemen huis blijft altijd vochtig, de boodschappen zijn wel duurder dan in Nederland behalve vlees, benzine en de wijn (er gaan zeker twee wenkbrauwen omhoog), voor de boodschappen moet je altijd kilometers rijden. Dan wordt er bijna begrijpelijk gezucht en komen er blikken van vaag medelijden, doorspekt met 'mij niet gezien'.
Maar dan gaan we door.
Het blijft een dorp van 600 inwoners, leuk pleintje, mooie kerk, café er tegenover. Een klein slagertje met bio-vlees, een tuincentrumpje dus overval bloeiende planten in de tuinen. Jaja, driekwartier naar de grote stad of naar de kust. Mmmm, kun je kiezen of krijtrotsen of zandstrand met af en toe een zeehondje die je verbaast aankijkt.
Voor de rest een beetje schilderen, boekje lezen, moestuintje, met hond een stukkie lopen, ouwehoeren met de buren, af en toe een feestje, een galerietje, ja, overal hebben ze kroegen en ik ken ze bijna allemaal. Oh ja we hebben ook nog bossen, eigenlijk aan het eind van ons pad, en we hebben een riviertje dat door het dorp slingert, je weet wel met zo'n gietijzertje bruggetje boven het watervalletje, kun je zo heerlijk hangen en wegdromen, je kunt de forellen bijna met je handen vangen. Voor de rest zouden we het niet zo gauw weten ....
Dan knijpen we onze ogen een beetje dicht, want je ziet ze bijna groen worden.
Als we dan weggaan zeggen we steevast 'au revoir, met daarachter 'sorry hoor, macht der gewoonte'.

woensdag 7 december 2011

Leven in Frankrijk : Voor mij de nieuwe Satie

Ik ben helemaal verkocht, verslingerd.
Erik Satie al lang en gedurig grijs gedraaid, tot niet mijn verveling.
Dan nu.
Canto Ostinato van Simeon ten Holt.
Kan er geen genoeg van krijgen, niet te stoppen.
Zelfs de repeat zet ik in de herhaling.
Weergaloos.
Ik ben effe heeeeel ver weg.

dinsdag 6 december 2011

Leven in Frankrijk : Het worden de katharen

Afgelopen zomer een niet al te groot tentje gekocht en de nodige basis kampeerdingen geleend, gekregen, enzovoort.
Toen het heel mooi weer dreigde de worden, hebben de hele zooi in de kofferbak geflikkerd en zijn naar het zuiden van Frankrijk afgezakt. Halverwege in het gebied de Creuse blijven hangen. Genoten, het weer meer dan goed, gebied prachtig, kamperen prima bevallen. Back to basics noemt men dat tegenwoordig, geloof ik.
Nou allez dan zeiden we tegen elkaar, die houden we er in.
Van de week nog even de foto's bekeken. U weet wel van die plaatjes zonder woorden.
Zo waren we weer even in de Creuse ... Und jetzt ? Waar gaat de reis volgend jaar naar toe ? Heel Frankrijk verkennen, elke keer een stukkie, een streekje, een departementje, of alleen maar een dorpje, een bergje met een dalletje.
We gaan het nu hogerop zoeken. De bergen in, de Pyreneejen. Daar woonden heel vroeger de Katharen. Zij zochten het ook hogerop en werden daarvoor genadeloos afgeslacht in opdracht van de katholieke pausen.
Nu zijn er veel mensen die tegenwoordig die streken bezoeken om ook hogerop te geraken. Maar dat zijn de zwevers, die in elke steen, boom of wolk een Kathaar zien, de rituelenzoekers, de zonnewenders, maankussers. No way José, daar zijn wij niet van.
Ik heb best wel wat boeken over de ouwe jongens, een plankje of wat vol, maar dan echte boeken, het kaf van het koren gescheiden, zelfs nog eens een leergang aan een universiteit gevolgd.
Gewoon daar eens rondstruinen, beetje kijken.
Mocht ik onverhoopt toch een kathaar tegen komen maak ik een foto.
Ik bedoel, wie gelooft mij anders nog.

maandag 5 december 2011

Leven in Frankrijk : Huisje van niks

Ik liep gisteren even door de tuin. Het was net droog. Echt vrolijk werd ik er niet van. Een of meerdere ondergrondse tuinbewoners hadden flink huisgehouden. Zeer wel een stuk of tien molshopen. Niet van die kleintjes, nee, het molsbergen. Met m'n klompen schopte ik ze stuk, de aarde vloog in het rond.
Ik had niet gemerkt dat oude buurman Bernard vanuit zijn moestuin mij had bekeken. Hij leunde op zijn spa en grinnikte.
We liepen op elkaar toe, schudden de hand, ca va?
Allemaal maar niks, die natte sombere dagen. Aan de tuin viel ook niks meer te doen.
Bij hem nog hier en daar een uitgeschoten krop sla, koolbladeren voor de konijnen. Met zijn grote knuisten plukte hij nog wat verlate frambozen. Wij aten ze zwijgend op.
"Dat wordt weer de hele winter binnen zitten Simon" zei hij somber.
"Je gaat toch niet in je tuinhuisje zitten".
We keken naar zijn zelfgebouwde hutje midden in de moestuin. Van electriciteitsbuizen, overspannen met dik halfdoorzichtig plastic had hij in het voorjaar een soort iglo gemaakt. Er groeiden tomaten in en andere groeisels, verder staat er een houten kist met verroest gereedschap en een oude tuinstoel. Over die stoel hangt al weken een oude blauwe kiel. Al met al een stilleven.
"Wat denk je, zal ik het afbreken?"
"Laten staan man, 't is toch stevig en het staat niemand in de weg"
"Ik vind het een huisje van niks".
"Maar dan moet je volgend jaar weer een nieuwe bouwen".
"Mmmm" dat klonk alsof hij vond dat ik gelijk had, een beetje misschien.
Ik heb er 's middags toch maar een foto van gemaakt. Op een moment dat Bernard er niet was. Hij zou me voor gek verklaren.

vrijdag 2 december 2011

Leven in Frankrijk : Identiteitscrisis

Het stadje H. heeft een groot plein, omringd door mooie gevels en terrassen. Nou daar zat ik dan gisteren. Vestje aan, zwaar shaggie, een Leffe en een croque. Zomaar in zo'n laat herfst, winterzonnetje. Zo'n zonnetje waarbij je net een beetje met je ogen moet knijpen.
Twee tafeltjes verderop zaten twee heren. Ze waren net uit hun auto's gestapt. de een zwarte BMWsport en de andere uit een zwarteAudisport, beide met dubbele uitlaat. Hip in de kleren, trendy heren dus. Ze bestelden een fles witte wijn! Het waren Nederlanders. Ik verstopte mijn zware shag en dook achter m'n franse krant.
Nederlanders hoor je altijd wel. Misschien denken ze wel dat die anderen doof zijn of hen toch niet kunnen verstaan.
Na een gesprek over de auto's en de crisis kwam de omgeving aan de beurt. Een beetje troosteloos was hun beider mening. Geen ruk te doen. Heuvels, dalen, dorpjes, koeien, bossen, vrouwen in huisschorten en bloementjesjurken, onbehouwe boeren. Nee dan hun vakantie van afgelopen zomer en die van het jaar daarvoor. Exotische paradijzen rolden over het terras.
De een was een tijdje n.g.o. geweest in een ander buitenland en de ander wilde hier zeker niet als expat wonen, laat staan als immigrant.
Gustav de ober zette nog maar een biertje voor mij neer. Ik leende zijn pen en schreef op mijn krant: n.g.o, expat en immigrant.
Daar moest ik toch eens over nadenken. Wat ben ik dan eigenlijk? In ieder geval niet zoals die buurmannen op het terras. Dat stelde mij in ieder geval wel heel erg gerust. Maar wat ben ik? Gelukkig weet ik wel wie ik ben, dat scheelt ook.
Ik woon hier en ik leef hier! Wat een vondst! Ik voelde me helemaal gelukkig worden, terwijl ik dat al een tijdje heel erg was. Dat moeten die yuppen nog leren vond ik. Ik kreeg een lachbui, Gustav klopte me op mijn schouders.
Mooie tijd om op huis aan te gaan. Ik stond, liep langs het tafeltje van de twee mannen en liet een boer.
"Kijk dat bedoel ik" hoorde ik achter mij.
Tot 's avonds laat heb ik gelachen.

donderdag 1 december 2011

Leven in Frankrijk : Over de grenzen

Het is grijs, het waait en het is somber. Rara wat is dat? Juist, de donkere dagen voor kerstmis. Uitslapen tot je een ons weegt, het blijft maar donker. Donker, of je de luiken voor de ramen nou open of dicht hebt.
Een depressie ligt om de hoek, zegt buurvrouw Jeanine, maar die houdt zelfs in de winter haar zonnebril op als ze maar even buiten is.
Oude buurman Bernard loopt doelloos door zijn moestuin, snijdt wat koolbladeren voor zijn konijnen, dat is het dan wel.
Misschien ga ik vanmiddag wel wat schilderen, maar dat dacht ik gisteren ook.

Echt inspiratie voor een nieuw blog heb ik ook niet zo direct.
Ik rommel wat in de statistieken van mijn weblog en zie dat ik ongeveer 1300 lezers per maand heb. Da's een hoop vind ik! Ik snuffel verder.
Ruim de helft woont in Frankrijk, da's ook een hoop!
Ik word zo'n beetje over de hele wereld gelezen !!!! Ik zit strak overeind in m'n stoel:
ik zie landen als China. Oeganda, Maleisie, heel Oost-Europa, Zuid-Europa voorbij komen, Amerika, Canada, Australie.
M'n keel plakt een beetje dicht, zou ik dan wereldberoe ..., nee, wereldbekend, nou eh, dat nou ook weer niet, maar wel, ja wat eigenlijk. Grenzenloos populair. Ik durf er bijna niet aan te denken.
Als al die mensen nou eens mijn boek zouden bestellen, dan hebben zij en ook ik een leuke kerst.
Ik bel mijn uitgever. Eerst weet hij niet eens wie ik ben. Nee de verkoop is nou niet om over naar huis te schrijven. Nee, godver, dat doe ik ook niet. Naar wiens huis ?
Ik zeg hem dat ik aan een tweede boek bezig ben. Nu eens niet over Frankrijk, maar een roman, fictie dus, ingrijpend voor de ziel en ook een beetje spannend. Hij zucht en wenst me veel succes.
Als al die lezers nou eens eerst begonnen met mijn boek "A la maison", verhaaltjes (in het nederlands) over Frankrijk, kollums zogezegd. Gewoon te bestellen in de boekenwinkel, bij de bolle com en bij de uitgeverij Free Musketeers, naturellement. En ik heet Simon Korving. Wat kan er dan nog mis gaan?
Dan wordt dat tweede boek zeker een succes.